dinsdag 30 december 2014

Regelen we toch?





Als we ergens goed in zijn, dan is het in het regelen.

We regelen er op los. Dat zit in onze aard en daar zijn we ook gewoon goed in. Niet voor niets luidt het gezegde in Ierland: "geef de Ieren een half jaar Nederland en ze zijn verdronken, geef de Nederlanders een half jaar Ierland en het land is geregeld."

Is er een probleem? Geen nood, de tweede kamer, de gemeenteraad, het bestuur buigt zich erover en regelt het. Een nieuwe wet, een nieuwe regel, het doet er niet zoveel toe: we regelen het.

Lossen we daarmee ook de problemen op?

Ehm....

U bedoelt?

Niet natuurlijk. Dat weten we ook. Reeds talloze documentaires, gesprekken, symposia, forumdiscussies, artikelen hebben het aangetoond: regels lossen niet per definitie de problemen op. Sterker, regels maken weer nieuwe problemen. En daarvoor komen dan weer nieuwe regels. Het is een warboel van regels, wetten, maatregelen, huishoudelijke reglementen en ga zo maar door. We brengen hiërarchie aan en uiteindelijk hebben we de rechter die de knoop mag doorhakken.

Niet dat we daarom minder regels gaan produceren: het zit gewoon in ons bloed. We regelen onszelf helemaal kapot.

Vergeeft u mij mijn uitbarsting.

Maar ik ben boos.

Recent ontmoette ik een dame en die vertelde mij dat ze, als jong meisje, ooit een ernstig auto-ongeluk heeft gehad. Het gevolg is dat ze hierdoor blijvend hersenletsel heeft opgelopen. Het gevolg hiervan is weer dat ze wat chaotisch is, veel moeite heeft om zich te concentreren, zich geen raad weet met formulieren (al of niet digitaal) omdat ze hier het overzicht totaal bij kwijt raakt en ook zo nu en dan een epileptische aanval heeft.

Dat zou je niet zeggen als je haar tegenkomt. Ze is intelligent, wel bespraakt en weet wat ze wil. Maar toch...

Je kan beter een beenamputatie hebben ondergaan: dan ziet men tenminste onmiddellijk dat je blijvend iets mankeert.

Deze dame krijgt dus een uitkering omdat het dagelijks werken voor haar onmogelijk is. Niet iedere regel is natuurlijk verkeerd en het is fantastisch dat we dergelijke voorzieningen hebben gecreëerd. Mensen als deze dame zijn hier nu eenmaal volledig van afhankelijk.

We hebben echter ook met elkaar iets zurigs gekregen, als het gaat om deze voorzieningen. Wantrouwig bekijken we degenen die "zomaar" een uitkering ontvangen en roepen dan dat er veel misbruik wordt gemaakt. We gaan controleren.

Uit onderzoek blijkt keer op keer dat het misbruik alleszins meevalt en dat alle controlemaatregelen waarschijnlijk meer geld kosten dan dat ze opleveren door het vermeende misbruik te bestrijden, maar daar luisteren we bedroevend slecht naar. Maar dit terzijde.

Deze dame zou wat willen bijverdienen. Een zakcentje, meer is het niet. Ze zoekt contact met de uitkeringsinstantie: het UWV.

Het UWV heeft alles goed geregeld. Vele lokale kantoren zijn inmiddels gesloten en hiervoor in de plaats is een allesomvattende website gekomen. Werkelijk, het antwoord op iedere vraag is hierop te vinden. Kom je er niet uit? Dan is er, maar daar houden ze niet zo van, met veel pijn en moeite én extra kosten, nog iemand telefonisch te bereiken.

Deze dame kan echter niet overweg met een website. Ze raakt het overzicht totaal kwijt en weet na 10 minuten niet meer hoe ze de enorme brei aan informatie op een rij moet krijgen. Ze weet dus uiteindelijk iemand telefonisch te pakken te krijgen. Die verwijst haar naar de website en de formulieren die ze moet invullen om antwoord op haar vraag te krijgen. En nee, een face to face contact is uitgesloten: we hebben niet voor niets onze "front office" zo goed geregeld dat alles op de website te vinden is.

Deze dame is wanhopig. Ze heeft geen antwoord op haar vraag en komt in een cirkelgang terecht, waarbij ze steeds weer wordt doorverwezen naar een website die ze niet begrijpt.

Na enkele maanden ligt er een enveloppe bij haar op de deurmat: een flinke boete. U aangeboden door het UWV. U heeft namelijk gewerkt en dit niet aan ons gemeld.

Deze dame belt opnieuw: ze heeft het toch gemeld?

Ehm....

"U heeft niet het goede formulier ingevuld."

(dat is, volgens mij, iets anders....)

"Maar ik kom er gewoon niet uit....uit die formulieren....dat heb ik u óók gemeld....."

Ze werd opnieuw verwezen naar de website. Want zo hebben we het nu eenmaal geregeld.

Tja, het UWV.....werken aan perspectief....

dinsdag 9 december 2014

De Troost der Armen



In een klein en slordig gebonden boekwerkje uit 1721, vind ik het volgende recept:

  • een half pinte Olyf Olye, gheseyt Boom Olye
  • een once root Salderhaut, fijn gestampt of ghemalen
  • een once geele Was
  • een once Peter Olye
  • een once Spyk Olye
  • een half muddeken Roosewater
  • een half vierendeel Veneetschen Terpentyn
Voordat ik het recept verder met u deel, eerst deze "korte aanwysinghe van de sonderlinge kracht, deugt ende eyghenschap van desen wonderbaeren Balsem of unguentum mirable, ende geneest meer in eenen dagh, als andere salven in twee of dry daghen...."

Nou, dat spreekt voor zich.

Maar wát geneest dit wonderbalsem dan precies?

Gaat u er maar even voor zitten:
  1. zwijmelingen in het hoofd
  2. pijn in het hoofd
  3. tandpijn
  4. lendezweer, pijn aan de borst, mage en koude humeuren
  5. verstuikingen of verrekkingen
  6. schorheid
  7. verse wonden
  8. stoot of slag op de ogen
  9. koortsen
  10. kolieken
  11. pleuris
  12. pest of andere kwade ziekten
  13. walgingen
  14. dikke lippen of dikke neus
  15. pijn na valpartijen
  16. pijn na slagen of klappen
  17. zeer in de keel
  18. splinters, doornen
  19. lammigheid
  20. bloedspuwen
  21. klieren
  22. nagelzweren
  23. gangreen
  24. apoplexie (beroerte)
Kortom, wat heeft een mens nog meer nodig?

Het recept: men neemt een nieuwe aarden staartpan, waarin ongeveer drie pinten "nat". Doe hierin eerst de olijfolie, met de was (in stukken gebroken). Zet dit op een confoor om te smelten. Ondertussen doet u het roosenwater in een schotel en voeg de terpentijn toe. Roer dit met een mes zolang totdat de terpentijn wit is. Als de was gesmolten is, doe het salderhaut en de peter-oly en dan het roosenwater met de terpentijn erbij. Laat dit samen ongeveer een uur koken (totdat het vocht niet meer opkomt en het schuim is weggetrokken). Blijf ondertussen het mengsel roeren... Tenslotte moet het mengsel door een dunne, rauwe linnen doek worden geperst.

Over de Spyk Oly wordt door de auteur niet meer gerept. Dit is overigens lavendelolie en ik kan me voorstellen dat dit vooral bedoeld is om de geur in uw keuken leefbaar te houden, tijdens het maken van het recept.

Ik wilde u dit wondermiddel niet onthouden.

Prettige feestdagen. 

zaterdag 22 november 2014

En nu is het genoeg!!



"Nu is het genoeg!"

Zo sprak ik afgelopen nacht, zo rond een uur of drie.

Aldus mijn vrouw.

Heel duidelijk en kordaat.

Ik kon me er niets meer van herinneren. Dat vond ik spijtig want ik was wel nieuwsgierig naar de aard van deze stellige uitspraak.

Ook mijn vrouw kon me niet verder helpen: het schijnt dat ik na het doen van deze mededeling, weer in alle toonaarden heb gezwegen. Of, dat is waarschijnlijker, ik verviel weer in mijn redeloze en snuivende gesnurk.

Maar ook daar weet ik niets van.

Het leverde me toch wel wat gepieker op. Als ik de theorieën mag geloven, worden 's nachts onverwerkte emoties alsnog in goede banen geleid. Ergens in die vreemde achtbaan die emoties heten, was ik blijkbaar een punt gepasseerd die ik net een teveel van het goede had gevonden.

Maar wat?

Probeerde mijn onbewuste zich met dergelijke uitgesproken zinnen, een weg naar het bewuste te banen? Maar als mijn vrouw niet wakker was geweest, was ook deze zin verloren gegaan. In ons donkere huis had midden in de nacht opeens mijn stem geklonken:

"Nu is het genoeg!"

Maar het was niemand opgevallen.

Nou ja, mogelijk dat onze hond, toch al meer op mijn stem gefixeerd dan veel andere wezens om mij heen, even de kop had opgetild. Maar, omdat ik niet naar beneden was gekomen, had ook de hond zich waarschijnlijk alweer snel overgegeven aan de slaap.

Het is ook wel een beetje triest, als ik het nog eens bedenk. Verhef ik mijn stem en stel ik een keer paal en perk, is er niemand die het hoort. Het is zelfs mijzelf ontgaan.

Okay, mijn vrouw dan, die heeft het gehoord. Maar ze heeft haar schouders opgehaald en heeft zich weer omgedraaid. Het is dat ze er vanmorgen nog even aan dacht, anders was de gebeurtenis volledig in het duister verdwenen. Ze heeft niet sidderend geluisterd naar mijn stem. Haar kennende heeft ze waarschijnlijk gelachen.

Ik zuchtte nog maar eens en keek naar het vallende duister van alweer een volgende nacht.

Ik had mijn stem verheft en de boodschap was volkomen verloren gegaan. Het was me een raadsel wat ik eigenlijk "genoeg" had gevonden.

Behalve dit verhaaltje dan....het is wel genoeg zo.

vrijdag 7 november 2014

Een kinderfeest



Op een onzalig moment besloot mijn zoon dat hij toch liever op voetballen ging.

Al zijn schoolvriendjes zaten immers ook op voetbal.

En als je kind op voetbal gaat, dan ga je als ouder ook mee. De kantine in, rijden voor wedstrijden en ga zo maar door. Het eerste vertikte ik stelselmatig, dus ik moest extra vaak het jonge voetbaltalent naar voetbalvelden buiten Gouda rijden.

Voordat ik verder ga, moet ik een bekentenis doen.

Ik heb h-e-l-e-m-a-a-l niets met voetbal. Ik kan ook niet zeggen dat ik er een hekel aan heb: de sport doet me gewoon niks. Ik sta volstrekt emotieloos en ook zonder enig begrip voor wat zich voor mijn ogen afspeelt, aan de lijn naar een heen en weer stuiterende bal te kijken. Omwille van mijn zoon stak ik zo nu en dan, op goed geluk, mijn duim omhoog, maar daar bleef het dan ook wel bij.

Dit in volstrekte tegenstelling tot verschillende andere ouders: vaders en moeders. Hard brullend zwiepten zij de prestaties van het team dreumessen op. De middelvinger ging regelmatig omhoog om de fluitende scheidsrechter duidelijk te maken dat hún prinsje toch echt correct had gehandeld. De jongens werden aangemoedigd om "de poten onder die klootzakken (dat waren de dreumessen met andere clubkleuren aan hun lijf) vandaan te schoppen". En soms, als prins-dreumes niet onmiddellijk op een tegenstander begon in te meppen, holde vader het veld op om hem schreeuwend hiertoe te bewegen. Als een dreumes van de tegenpartij een fout maakte, begon het ouderpubliek hard te fluiten en verontwaardigd te gillen, wat schichtige blikken van de betreffende kleuter opleverde.

Kortom...

ik stond met het schaamrood op de kaken angstvallig naar mijn zoon te turen hoe hij op al dit geweld langs de zijlijn reageerde. Hij speelde onverstoorbaar zijn spel. Zoals overigens de meeste kinderen...

Om de één of andere reden dringt het bovenstaande beeld zich aan mij op wanneer ik weer eens een boze brief lees over de komst van onze goede jeugdvrienden: Sinterklaas en Zwarte Piet. Met name de komst van de laatste, doet veel ouderen verzanden in een oorverdovend commentaar, soms verpakt in een redelijk betoog, maar soms ook op vergelijkbare wijze als de voetbalouders aan de zijlijn van het veld.

Ook als niet-voetbal-liefhebber, heb ik mezelf zeer regelmatig voor moeten houden dat voetbal op zichzelf gewoon een onschuldig balspel is. Het heeft veel goede en ook sportieve elementen: je speelt in een team en moet dus samenwerken, er zijn regels en die bepalen wat kan en wat niet kan, er is een scheidsrechter die bewaakt of het spel eerlijk verloopt en hier moet je als speler leren accepteren dat iemand anders soms het laatste woord heeft. Allemaal uitstekende zaken om te leren.

Die dames en heren aan de zijlijn, creëren echter een heel ander kader. Het gaat helemaal niet om samenwerken: het gaat om hun eigen prinsje die toch op zijn minst de belabberde voetbalprestaties van pa zal moeten verbeteren; de scheidsrechter is een stoorzender die werkelijk nooit begrijpt dat hij alleen maar belemmerend werkt in de eindeloze opgang van het prinsje en vooral: ouders die geen opvoeders zijn, maar gefrustreerde, onvolgroeide kinderen.

 Dat heeft natuurlijk helemaal niets meer met voetbal te maken. En toch zijn er velen die over voetbal praten alsof dit spel de oorzaak van veel ellende in onze samenleving is....

Het is gewoon een spelletje....

Sinterklaas is een kinderfeest....

Moeten wij, volwassenen, nu werkelijk alles kapot maken?

zondag 19 oktober 2014

Over de Leer en het Leven ...




Het werd ook wel een keer tijd.

Maar toen het gebeurde, was het ook direct wereldnieuws.

De paus had iets positiefs gezegd over homofilie. En over ongehuwd samenwonen. En ook nog eens over hertrouwde katholieken. De kerk moest zich minder richten op het veroordelen van voornoemde groepen en meer de positieve elementen van deze samenlevingsvormen benoemen.

Het eerste deel van de zin begrijp ik, het tweede ontgaat mij nog wat, maar het was genoeg om wereldwijd een golf van opluchting tot stand te brengen. Eindelijk een paus die zijn armen opende in plaats van dat hij bozig een vinger de lucht in priemde. Velen, onze eigen kardinaal van Eijck voorop, haasten zich om uit te leggen dat er nog helemaal niets was gebeurt en dat het ook onwaarschijnlijk was dat er iets zou gaan gebeuren.

Je kunt de leer van de kerk nu eenmaal niet veranderen, mompelde onze vaderlandse farizeeër. Ondenkbaar, dat zou betekenen dat de kerk leefde en mee zou gaan bewegen met de tijd. Dat zou betekenen dat regels ondergeschikt werden aan verhoudingen.

Onmogelijk.

En ondertussen rijdt diezelfde paus in een afgetrapte Renault 4, draagt hij eenvoudige sandalen en woont hij in een bescheiden kamertje in een pension.

Ooit was er een jongeman die, door zijn afkomst, kon leven in grote weelde. Hij genoot van het leven, de drank, de vrouwen en alle luxe om hem heen. Op enig moment kwam hij terecht op een plek waar melaatsen werden opgevangen, ver weg van de steden. Hij schrok van de erbarmelijke omstandigheden waarin deze mensen moesten leven. Hij besloot al zijn rijkdom op te geven en te verdelen onder de melaatsen. Ook besloot hij zijn leven als monnik te wijden aan God. In die tijd organiseerde de kerk kruistochten om Jeruzalem en het Heilige Land terug te veroveren van de Saracenen, een islamitische stam (waar doet dit me toch aan denken?). Ook deze jongeman trok mee met de legers van de kerk, maar in plaats van te vechten, koos hij ervoor om de dialoog aan te gaan, vanuit een houding van dienstbaarheid. Tegenover geweld, plaatste hij geweldloosheid; tegenover superioriteit, plaatste hij nederigheid. Toen hij terugkeerde naar Italië, bleek de door hem gestichte kloosterorde zo succesvol, dat zij inmiddels één van de rijkste orden van de kerk was geworden. Uit protest trad de jongeman uit de orde en trok weer als bedelmonnik rond. Soms klopte hij op de poort van een door hem gesticht klooster, met de vraag om een aalmoes.

De jongeman heette Franciscus.

De kerk van die tijd heeft hem niet begrepen.

De paus van nu heet Franciscus.

In ieder geval kardinaal van Eijck heeft hem nog niet begrepen....

vrijdag 10 oktober 2014

Lost...



Bij het begin van deze blog, word ik direct geconfronteerd met een probleem. Ik wil schrijven dat ik de laatste tijd een bepaalde televisieserie volg, maar ik kijk hiernaar via een tablet en soms via mijn smartphone en, alleen doordat ik via google een apparaatje in mijn televisie heb gestoken, kan ik ook via mijn televisie kijken. Hoezo, televisieserie? Het is dus een serie, maar dat levert weer de vraag op naar de aard van de serie en ben ik feitelijk weer terug bij af....

Hoe dan ook, u begrijpt door deze omslachtige uitleg wel wat ik bedoel.

De serie heet "Lost" en handelt over een groep mensen die, doordat hun vliegtuig is neergestort, moeten zien te overleven op een tropisch eiland, ergens in de Stille Oceaan. Het blijkt al snel geen onbewoond eiland te zijn, maar de andere bewoners blijven gedurende de loop van de serie onduidelijke figuren, die om de één of andere reden meestal zelf ook op het eiland zijn aangespoeld. Het zijn wel echt mensen, want, ondanks dat iedereen voor de opgave staat om te overleven, maken ze zich allemaal direct erg druk over territoria en grenzen. Ze maken elkaar dan ook het leven behoorlijk zuur. Tot zover is het hele verhaal een tropische variant op "Peyton Place" of "Goede tijden, Slechte tijden"en ik had eigenlijk al besloten om de hele serie weer vaarwel te zeggen, toen de schrijvers een geniale wending aan het verhaal gaven.

Twee overlevers van de vliegramp vinden een betonnen plaat, waarin een luik. Lang verhaal kort: ze krijgen uiteindelijk het luik geopend en deze blijkt toegang te geven tot een betonnen bunker, diep onder de grond. In de bunker, voorzien van alle moderne gemakken: elektriciteit (niemand vraagt zich af waar dit vandaan komt), keuken (gas!), badkamer (stromend water!), geluidsapparatuur, woont een man. De man reageert verschrikt op de binnendringers. Tijdens dit moment klinkt er een alarm. De man sprint weg en holt naar een ruimte waar een computer staat opgesteld. Hij tikt een cijfercode in en drukt op de entertoets. Het alarm stopt en boven de man is zichtbaar dat een klok (zo'n ouderwetse met cijfers op blaadjes die draaien) terugdraait naar 108 minuten.

De man vertelt dat hij om de 108 minuten de cijfercode moet intoetsen en op de entertoets moet drukken. De klok springt dan weer naar 108 en telt weer terug. Dit blijkt de man al jaren te doen. Hij weet niet wat er precies gebeurt als hij de code niet intoetst. Hij geeft aan dat hij niet minder doet dan de wereld redden door zo nauwgezet iedere 108 minuten, al jaren de code in te toetsen.

Opeens lijkt de man een ingeving te hebben: hij wenst de nieuwkomers succes en maakt dat hij wegkomt.

Na bijna 2 uur gaat opnieuw het alarm af en nu kijkt iedereen elkaar aan: moeten we de cijfercode intoetsen of niet?

Het verhaal krijgt een bijna absurdistische wending, doordat vanaf dat moment het intoetsen van de cijfercode en alle verwikkelingen hier omheen, een belangrijk onderdeel van de spanning van het verhaal gaat worden.

Het op tijd intoetsen van een cijfercode in een bunker op een eiland in de Stille Oceaan, waar het om wat voor reden dan ook zo'n beetje krioelt van groepjes en individuen die op de één of andere manier hier zijn aangespoeld. Niemand die weet wat er gebeurt wanneer de code niet op tijd wordt ingetoetst.

Het is bizar.


Het gaat helemaal nergens over.


Ik besluit toch maar snel nog even een aflevering te bekijken....