Mogelijk doordat de wachtlijsten voor opname in een
verpleeghuis verdampen. We weten het niet. Maar mijn vader stond nog geen drie
weken op de wachtlijst voor één van de Goudse verpleeghuizen, toen we bericht
kregen dat er plek voor hem was. Bij aanmelding was ons gemeld dat we rekening
moesten houden met een half jaar wachten. Toch wat beschroomd ging ik die avond
naar mijn vader en deed hem de boodschap.
“Volgende week? Nou, daar ben ik blij om …”
En hij ging weer over op de orde van de dag. Er was die
middag een glas op de grond gevallen en deze kon hij nergens vinden.
“Pap, ik probeer je te vertellen dat je naar een
verpleeghuis gaat. Dat je dit huis gaat verlaten. Ik probeer te begrijpen hoe
je dit ervaart.”
Hij gaf de boodschap nu iets meer tijd om tot zich door te
laten dringen. Maar geen emotie, wel praktische vragen: wie regelt de
verhuizing, krijg ik daar te eten, hoe kom ik daar …
Zo ken ik hem ook wel. Mijn vader is opgevoed in een tijd en
in een gezin waar een man sterk moest zijn, niet mocht huilen en vooral altijd
bezig moest zijn om in control te zijn. Daar is hij dan ook meesterlijk in. Ik
weet ook wel dat de emoties komen als hij alleen is en niemand hem kan zien of
horen. Soms, heel soms, vertrouwt hij mij of mijn broer zijn verdriet of
wanhoop toe. Maar meestal is hij dus sterk, groot en sterk. Want ik blijf,
ondanks mijn 63 jaar, zijn kind en die mag hij niet belasten met zijn verdriet.
En als ik naar hem kijk zie ik een oude, kwetsbare man die
het ook allemaal niet heel precies meer weet. Die afscheid moet nemen van het
huis waar hij met mijn moeder, na zijn pensioen, heeft gewoond. Een huis dat
vol staat met boeken over geschiedenis, filosofie, theologie en kunst. Vreemd genoeg,
geen enkel boek wat raakt aan zijn eigenlijke vak van ingenieur. Een huis waarvan
de muren behangen zijn met zijn schilderijen van stadsgezichten, stillevens en
abstraheringen uit het leven van zijn kleinkinderen. Een huis met cd’s van Bach,
vooral Bach, maar ook Engelse componisten was hij gek op: Purcell, Byrd en het
lichtvoetige genre van Vivaldi, Mozart en ga zo maar door.
Boeken die hij allang niet meer kan lezen; schilderijen die
hij allang niet meer kan zien en muziek die hij allang niet meer kan
beluisteren. Wat overblijft is zijn liefde voor goede whiskey.
Maar ook daar had hij de voorgaande week niets van
gedronken.
Volgende week is de verhuizing. Want ja, ook dat is hoe het
gaat: als er eenmaal plek is, is het ook holderdebolder door en zorgen dat het
allemaal geregeld is.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten